De Halse barrier

Esch: de Halse barrier

Begin- en eindpunt is het dorpsplein van Esch, per bus bereikbaar vanuit Boxtel en Den Bosch.

{ROUTE:164}Want meer dan twee eeuwen geleden waren er ook al van die "ordinaire plannen om de burger het geld uit de zak te kloppen" (om het ANWB-vocabulaire te gebruiken) en die werden ook geen onverdeeld succes. Het was in het midden van de achttiende eeuw. "s-Hertogenbosch worstelde met een immens bereikbaarheidsprobleem. De stad fungeerde als distributiecentrum voor goederen tussen Holland en de Belgische handelsstad Luik. Maar de oude Bossche Baan, die in kaarsrechte lijn door de Meierij naar Eindhoven liep, was op zomer- en winterdag een verschrikking. De zandweg moet er vaak uitgezien hebben als de A2 in de ochtendspits, met voertuigen die of in het mulle zand of in de plassen vast zaten en de doorstroming belemmerden.
esche stroom bij de halse barrier

 

Brabant was sinds 1648 generaliteitsland: grote verbindingswegen kende het gebied niet, want daar zou de vijand wel eens misbruik van kunnen maken. In 1741 werd een uitzondering op de regel gemaakt. De Bossche Baan mocht bestraat worden, mits uit eigen (Brabantse) zak betaald. Eindhoven voelde daar niets voor, zoals de Lichtstad wel vaker met de provinciehoofdstad overhoop lag en ligt, en dus moest Den Bosch alleen voor de kosten opdraaien.Om de dure bestrating met Belgische kasseien te financieren - en ook om te voorkomen dat die lui uit Eindhoven gratis van de weg zouden profiteren - werd het tolsysteem ingevoerd. Net als in de tijd van de Romeinen werden steeds op drie kwartier loopafstand van elkaar tolhuizen opgericht, waar iedere voorbijganger tol moest betalen. Ook bij de buurtschap Hal tussen Vught en Boxtel kwam een slagboom en zetelde de tolbaas alias cafébaas in zijn tolhuis, de Halsche Barrière. De volksmond verbasterde de naam tot de Halse Barrier, zoals ze in de loop der tijd ook wist te vertellen dat het "allemaal de schuld was van Napoleon", wat qua jaartal een duidelijke misvatting is. De Franse keizer moest juist niks hebben van dit péage-systeem en schafte het af. Na zijn val werd de tol door koning Willem I onmiddellijk weer hersteld.

 De totale verharding van het traject Den Bosch-Luik is pas in 1818 gereedgekomen. De tolgelden bleken bij lange na niet toereikend om de "langste en fraaiste steenweg van Nederland" te bekostigen. Op een informatiebord bij de Halse Barrier, pal naast de hedendaagse Bossche Baan (A2), lezen we waarom de opbrengst beneden de verwachtingen bleef: menig voerman wist de slagboom met een klein ommetje door de landerijen te omzeilen. In de achttiende eeuw! Het is toch net of je de hand van Paul Nouwen in de geschiedenis terugziet: liever een sluiproute door het zand dan betaald in de file voor een tolhuisje staan.We treffen het bord over de Halse Barrier aan waar de Essche Stroom de snelweg kruist. Dit gekanaliseerde watertje is geruime tijd onze gewaardeerde metgezel op de Nergena-route, een wandeling die begint bij de bierpomp van Esch. "Soms schenkt men hier in plaats van water louter bier" luidt het opschrift. Eens per jaar, op Hemelvaartsdag als de kastanjebomen in bloei staan, trakteert het gemeentebestuur bij deze pomp de nieuwe bewoners van Esch als welkom op een biertje. De magistratuur houdt daarmee een oeroude traditie in ere, want in de Romeinse tijd was men in Esch al graag "in Bacchus". Bij opgravingen in de jaren zestig werd in het graf van een schatrijke dame uit de tweede of derde eeuw na Chr. een barnstenen beeldje gevonden waarop de wijngod Bacchus in kennelijke staat door zijn halfgod Sater wordt ondersteund. Een replica daarvan siert nu de pomp, de echte Bacchus staat achter glas in het Noordbrabants Museum in Den Bosch.

Vanuit Esch volgen we de wit-gele route. Die voert helaas ook een stukje over de drukke Gestelseweg - langs fraaie oude boerderijen en het klooster van de Witte Zusters (de missiezusters van O.L. Vrouw van Afrika) naar landgoed Den Eikenhorst. Tussen de rododendrons, rijke bosschages en een partij vijvers in Engelse landschapsstijl huist een architectenbureau. Aan het einde van de negentiende eeuw werd op Den Eikenhorst nieuw bos aangeplant, dat steunhout voor de staatsmijnen opleverde. Vooral de grove den zorgde voor een hoge opbrengst, maar ook het hout van landgoed Sparrenrijk aan de andere kant van de Esscheweg bracht aardig wat geld in het laatje. Het is een heel ander bos, met paadjes als uit een breipatroon en smalle, langgerekte rabatten die illustreren hoe deze woeste grond ooit in cultuur werd gebracht. Maar er loopt ook een "trouwlaantje" door, en hier en daar een spannend slingerpaadje.De wit-gele markering gaat verder naar Boxtel over de Molenwijkseweg, door een park met sportvelden en een woonwijk naar het station van Boxtel. Dit is het vervelendste deel van de route. Druk-druk-druk, herrie van het treinverkeer, voetgangersbrug over het spoor en industriegebied. Bij een wegkruis linksaf lopen we het landelijke gebied weer in. We passeren boomkwekerijen en een buurt die als Roond op de kaart staat. Er branden kaarsjes in het kapelletje voor St. Anna, de patrones van huismoeders, zwangere en kinderloze vrouwen. De buurt onderhoudt het; jaarlijks zijn er twee vieringen in de kleine ruimte - op 26 juli en op moederdag.

Na Roond steken we het spoor weer over en passeren Tongeren. Tot in de jaren vijftig was dit een buurtschap zonder straatnamen, Tongeren 13 als adres was voldoende. Toch is er nog steeds leven in Tongeren, zelfs Levende Have Bereden - zoals het opleidingscentrum voor politiepaarden heet. We zien de spits van de Escher Willibrorduskerk al in de verte, als ons pad Nergena kruist. Het is nog minder dan een vlek en lijkt, zoals de naam al zegt, nergens naar. In 1921 verdween het misschien wel om die reden van de stafkaart, maar die historische fout is ruiterlijk hersteld in 1955. Dat was in dezelfde tijd dat een kilometer verder, bij de Heikant, een kapel aan Maria Regina werd toegewijd: bij het eeuwfeest van de dogmaverklaring van deOnbevlekte Ontvangenis van Maria.

Over het Smaldijkje, een mooi eikenlaantje, lopen we terug naar de "glimlach van Brabant". Naar Esch dus, waar het Bacchuscorps nog wel een vriend kan gebruiken.

Een wandeling naar nergens, laten we het daar op houden bij de Nergena-route in de omgeving van Esch, de "glimlach van Brabant". Het is een van de middellange-afstand-wandelingen, die het Stadsgewest Den Bosch in de Meierij heeft uitgezet. De route van 20 km is in één richting gemarkeerd (wit-geel) en beschreven. Halvering van de route is mogelijk. Een doosje met 16 wandelingen kost 44 gulden, een losse uitgave van de Nergena-route is voor 3 gulden verkrijgbaar bij de VVV in Den Bosch of Boxtel. Op de grotendeels onverharde route zijn honden niet toegestaan.